FSO Logo FSO Logo
menu_bar_top FormSpaceOrder_bottom

eerstejaarsproject P1b Context

Docenten: Mirjam koevoet, Maarten Lankester, Ingeborg Thoral, Patricia Bijvoet, Mark Eker

Start: Dinstag 2 september 2003
Beoordeling: dinsdag 21 oktober 2003

Leerdoel

Het leerdoel is het onderkennen van de wederkerige relatie tussen een bouwkundige opgave en de lokatie waarop het gebouw gesitueerd wordt. Vertrekpunt van de opgave zijn de de karakteristieken van de lokatie.

Opgave:

Ontwikkel een ruimtelijk concept voor een bouwkundige opgave, met als vertrekpunt de inpassing van het ruimtelijk complex in de situatie. uit het concept moet blijken hoe de wisselwerking tussen de situatie en de bouwkundige opgave is geënterpreteerd en hoe het bouwkundig programma kan bijdragen aan verbetering van stedebouwkundige of landschappelijke aard, met de openbare ruimte als nadrukkelijke factor.

Vraagstukken

1. Analyse van de lokatie: ruimtelijke en programmatische betekenis voor de stad
2. Formuleren van een idee: visie op de kwaliteiten van de lokatie, statement
3. Consistente ruimtelijke uitwerking van een plan op meerdere schaalniveau's

Context

Binnen de Zuid-oostlob omvat ons studiegebier een deel van stadsdeel Oost-Watergraafsmeer en van de gemeente Ouder-Amstel, op de grens met Stadsdeel Zuid met Zuid-Oost. Het gebied wordt doorsneden door rijkswegen, spoorlijnen en metrolijnen en is daarmee bijzonder goed ontsloten. De Amsterdam Arena ligt niet voor niets in het gebied, evenals overstappunten naar Schiphol, Almere, Utrecht en Amsterdam Centraal.
Het studiegebied omvat niet alleen een gebied met een zeer hoge dynamiek, maar ook een gebied met een bijzondere en geconserveerde landschappelijke waarde: de Amstelscheg. Een smalle strip van Amstel I en Amstel II wordt meegenomen. De grens ligt bij de duivendrechtsevaart.

Opgave

Binnen de grens van het studiegebied zijn we opzoek naar een ontwikkelingsgebied. We gaan uit van 5 ontwikkelinsschema's waaruit een thema wordt gekozen per groep.
- waterwonen - Mark Eker
- tijdelijk wonen - Ingeborg Thoral
- wonen in de stad - Patricia Bijvoet
- infrawonen - Maarten Lankester
- groen wonen - Mirjam Koevoets

Voor alle vijf thema's gaan we uit van een minimaal programma van 300 woningen. Dit programma kan naar wens gevombineerd worden met een recreatief programma, werkprogramma enz. Binnen de grenzen van het plangebied moet iedere student op zoek gaan naar een lokatie die geschikt is voor de woonvorm / het thema die zijn groep toegewezen heeft gekregen. De situering moet passen bij het gegeven progamma, moet in de context van de omgeving passen en er moet een aanleiding gevonden worden voor een verkaveling die de karakteristiek van het programma op die lokatie vormgeeft. Daarnaast wordt een voor de lokatie en het programma karakteristiek onderdeel in detail uitgewerkt.

menu_bar_bottom FormSpaceOrder_bottom